Hoe oppositie te voeren?
Op woensdag 17 juli heeft de afdeling Den Haag een discussie bijeenkomst belegd over de oorzaken van de verkiezingsuitslag, en hoe nu verder?
Na korte inleidingen van Thom de Graaf (die toevallig op het terras zat), Ongehoord en het Landelijk Bestuur zijn twee discussiegroepen geformeerd, die zich hebben verdiept in Inhoud en Organisatie.
Voor wat de verkiezingsnederlaag betreft werd onder meer het volgende opgemerkt:
Het heeft de laatste acht jaar ontbroken aan een duidelijke beeldvorming en scherpe profilering. Dit wordt deels veroorzaakt door onze moeilijke relatie met het omgaan met regeringsverantwoordelijk, en deels met onze zucht naar nuancering.
De kroonjuwelen, zoals referendum en gekozen burgemeester, zijn verworden tot doel, terwijl het gaat om een middel. Waar het eigenlijk om draait is daadwerkelijke democratisering, inspraak en betrokkenheid bij zaken die mensen direct raken in hun nabije omgeving, en dit wordt niet alleen bereikt via institutionele hervormingen.
In 1994 hebben we de verkiezingen gewonnen omdat we een genuanceerde partij waren met radicale oplossingen (aan dat laatste heeft het de laatste jaren ontbroken).
Vervolgens is de discussiegroep Inhoud tot de volgende aanbevelingen gekomen:
Om effectief en zichtbaar oppositie te voeren zou de huidige Tweede Kamer fractie een aantal samenhangende thema’s en ijkpunten moeten vaststellen waarmee men het kabinet en haar besluiten de maat neemt (de meetlat methode).
Daarbij gaat het om de volgende vijf ijkpunten:
Sociale rechtvaardigheid;
Het kabinet Balkenende lijkt vooral bepaalde groepen in de samenleving te bedienen, zoals ondernemers, huizen en auto bezitters en gezinnen. Als D66 zouden wij moeten inzetten op investeren in gelijke kansen en keuzevrijheid.
Dit sluit aan bij
het pleidooi van D66 voor een nieuwe overheid. Een overheid die niet van
bovenaf alles probeert centraal te regelen tot de laatste punt en komma, maar
een overheid die meer als regisseur optreedt. De taken zouden zich daarbij
vooral moeten concentreren op de financiering, en waarborging van
toegankelijkheid en kwaliteit.
Bescherming van de
rechtsstaat;
Kritisch tegengeluid tegen ongenuanceerde verharding.
Duurzaamheid/milieu;
Voor dit kabinet is milieu duidelijk geen politiek item meer, maar de (dreigende) problemen zijn daardoor niet minder geworden. Hier speelt ook het korte termijn denken versus het lange termijn denken.
Europa en buitenwereld;
We leven niet langer op een terug getrokken eiland of afgelegen provincie.
Bovengenoemde vijf items zouden in de reactie van de fractie telkens terug moeten komen.
De meetlat moet telkens gehanteerd worden, en begrotingen en voorgenomen kabinetsbesluiten moeten eerst volgens deze meetlat worden gekwalificeerd (bijv. “dit besluit achten wij sociaal onrechtvaardig, ondemocratisch en getuigen van het hebben van oogkleppen naar de buitenwereld), om vervolgens over te gaan in nadere nuancering en alternatieven.
Eerst kwalificatie, dan nuance!
Zaken die we zelf op de agenda zetten (zoals toelatingsbeleid van niet openbare scholen) moeten passen binnen de vijf items, en sprekende voorbeelden daarvan zijn.
Deze landelijke aanpak (de meetlat methode) zou ook lokaal kunnen worden gehanteerd.
Dit is een enigszins persoonlijk getint en uitgewerkt verslag van de afdelingsbijeenkomst in Den Haag van Dirk Kramer, lid van Ongehoord