This mission is possible!

 

De tik op de neus die D66 op 15 mei heeft gekregen geeft reden tot nadenken. Wat hebben we gedaan? Maar ook: wat hebben we niet gedaan? Waarom zijn de kiezers zo ontevreden over D66 en de mensen die voor D66 actief zijn? Waar komt die intense schreeuw om verandering vandaan? Binnen zes maanden werd de heersende politieke elite door de kiezers uitgekotst.

 

Volgens mij komt deze behoefte aan verandering bij de kiezer deels voort uit een

permanente onvrede over de regering. Een regering kan nooit alles waarmaken

wat ze beloofd, heeft uit politiek opportunisme voor bepaalde onderwerpen een blinde vlek/dovemansoren en verliest naar verloop van tijd aan ambitie en vernieuwingsdrang. Macht corrumpeert immers, maar smaakt vooral naar meer. Vasthouden aan macht wordt te snel een doel op zich. Fouten worden dan niet ruiterlijk erkend, opstappen is taboe en een minister vervangen is politiek not-done geworden. Politici die van elkaar afhankelijk zijn houden elkaar liever het handje boven het hoofd. Voor mij is dit politieke realiteit, waar weinig politieke partijen in de wereld aan weten te ontsnappen, ook CDA en LPF niet.

 

Ook D66 is aan deze wetmatigheden niet ontkomen. We hebben zelf niet durven offeren, maar ook andere coalitie-partijen gesteund in het vasthouden aan het pluche. En dat vooral omdat het zo verrotte moeilijk is om wetmatigheden te veranderen. Dat vraagt

lef, discipline en doelgerichtheid (lange termijn). Maar korte termijn-doelen maken dat deze wetmatigheden niet van binnen uit veranderd worden. Gevolg is dat de emoties van burgers rond bijvoorbeeld de zorg, veiligheid en mobiliteit genegeerd worden. Door de VVD, PvdA, maar ook door D66!

Borst, Korthals en Netelenbos werden beschermd, en de burger baalt hiervan. Niet omdat ze bloed willen zien, maar omdat de regerende partijen de roep om inhoudelijke verandering niet gehonoreerd zien worden in de personele samenstelling van de regering. De burger voelde zich genegeerd en had dus oog voor alternatieven. Bij ons was dat Fortuyn, bij de Duitsers is dat Stoiber en in Italie is Berlusconi al gekozen. Mensen die met veel geluid en een gelikte presentatie de onvrede kunnen mobiliseren.

 

Wat mij opvalt is dat we in vrijwel het hele Westerse deel van de wereld een verandering naar conservatieve, rechtse partijen zien. Waar in de jaren '90 de linker-georienteerden regeerden (Blair, Schroder, Kok, Clinton, Jospin) zien we nu dat de conservatieven/anti-overheidsdenkers de bovenstroom voeren. Dit is al het geval in de VS, Australie, Oostenrijk en in Zuid Europa, maar je ziet deze opkomst ook in bv Duitsland, Nederland en Engeland. Rechts komt weer terug op het niveau waar ze in de jaren'80 ook zaten.

 

Uitgaande van de politieke trends die per decennium veranderingen brengen in de politieke voorkeuren, moeten we rekening houden met een lastige tijd, maar ook weer mogelijkheden voor de toekomst. Rond 2010 staat de kiezer immers weer te schreeuwen om vernieuwing! Willen ze af van die kille anti-overheidsdenkers. Willen ze dat de overheid weer dienstbaar is naar de burgers. Willen ze een redelijk alternatief. En daar liggen de echte kansen voor D66. Niet nu alleen een beetje opportunistisch links en/of rechts meelullen om een paar zeteltjes meer binnen te halen, maar D66 moet zich

voorbereiden op de volgende verandering. Er moet dus een goede gefundeerde

campagne komen, die de basis legt voor een toekomstige rol van de partij, over een jaar of 4 of misschien wel 8 jaar. En dan kunnen we echt successen boeken. Maar dat vereist een lange-termijn stratgie en regie voor de toekomst.

 

Kan dat? Kan binnen D66 een regie gevoerd worden naar de toekomst? Lastig. Van Mierlo bleek begin jaren'90 perfect te kunnen appeleren aan de behoefte aan verandering. Met een redelijk verhaal, maar duidelijk gericht op ondermijning van de natuurlijke rol van het CDA. Een politiek meesterwerk.

Maar de partij was niet klaar voor dat success, D66 heeft nog nooit regie binnne de partij zelf georganiseerd. Het succes van Van Mierlo kon door de partij nauwelijks ingevuld worden. 24 zetels en veel kamerleden waar we meer last van hadden, dan genoegen. Ook in het denkwerk (bestuur, fractie, SWB) was onvoldoende structuur om een duidelijk profiel op te bouwen. En Van Mierlo gaf geen leiding aan het opbouwen van die politieke lijn. Een politieke blunder van de Grote Meester. Helaas vulde niemand de leegte in. In de schaduw van de Grote Meester bleek weinig te kunnen groeien.

 

Volgens mij moeten we hieruit leren dat een stevige partij meerdere pijlers heeft. Meedere personen die leiding geven aan meerdere processen in de partij. In D66 is de fixatie op het doen en laten van Thom de Graaf groot. Prima, hoor, maar als we onze toekomst in handen leggen van een partijleider alleen, maken we als partij-leden zelf de grootste blunder. We moeten het samen doen, samen bepalen. Een stevige partij wordt gedragen door een groep mensen in het hele land die actief zijn in besturen, fracties en die elkaar scherp houden, elkaar op de flikker geven als nodig, strijdbaar zijn en vooral elkaar constructief opstuwen naar betere resultaten op de lange termijn.

 

Volgens mij kan D66 voor zichzelf proberen om meer accountability te introduceren in de partij, waarbij leden en afdelingen op een gestructureerde manier elkaar kunnen aanspreken op verantwoordelijkheden. In alle openheid, maar ook in alle redelijkheid en zonder handschoentjes. Die sfeer moeten we gaan opbouwen binnen D66 in de jaren dat we in de oppositie zitten. Juist nu moeten we veranderen naar een partij die geloofwaardig kan zijn binnen en buiten de regering, dus niet alleen veranderen in de structuur, maar vooral in de politieke cultuur.

 

 

Erik van Buiten, actief lid D66 sinds 1991